Stelt de Raad van Europa de Conventie van Genève ter discussie?

conventie van Genève

In een resolutie, die met een zeer ruime meerderheid is aangenomen in de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa, wordt een duidelijke opening gecreëerd om de Conventie van Genève te herinterpreteren. Daarmee onderschrijft dat adviesorgaan van de Raad van Europa de mening van N-VA-voorzitter Bart De Wever. Die stelde als eerste dat internationale verdrag ter discussie tijdens een gastcollege aan de UGent op 22 september 2015.

Althans: zo zien wij dat. Maar volgens Sophie Boucquey, parlementair medewerker van Groen-senator Petra De Sutter, die ook in de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa zetelt, gaat het hier slechts om een “halve waarheid”: de Raad van Europa “vraagt dialoog, geen herziening”. “Schande dat dit gesuggereerd wordt”, voegt zij er zelfs aan toe.

Maar als het hier echt enkel om een vrijblijvende dialoog gaat, waarom stemde Petra De Sutter dan tegen deze resolutie? Sterker nog: waarom vond zij het nodig om vóór een amendement te stemmen dat net díe passage uit de resolutie wou verwijderen waarin sprake is van een dialoog? Een amendement dat veelzeggend genoeg overigens met een ruime meerderheid werd weggestemd.

Feit: Dit artikel is correct

De interpretatie van de wettelijke bepalingen in die Conventie is duidelijk bespreekbaar voor de Raad van Europa

In de resolutie in kwestie roept de Parlementaire Assemblee de landen die lid zijn van de Raad van Europa letterlijk op om een “dialoog van betekenis” aan te gaan over de interpretatie van de wettelijke bepalingen van het Vluchtelingenverdrag van 1951, met inbegrip van de criteria om in aanmerking te komen voor het vluchtelingenstatuut en de definitie van een veilig derde land. In die “dialoog van betekenis” moeten ook de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen en andere internationale belanghebbenden worden betrokken.

Nu kan je natuurlijk nog discussiëren over wat zo’n “dialoog van betekenis” precies inhoudt. Feit is in elk geval dat door deze resolutie delen van de Conventie van Genève bespreekbaar worden gesteld die dat voorheen niet waren. En was dát niet net waar Bart De Wever voor pleitte in zijn college aan de UGent in 2015: “Dat we wel degelijk zouden mogen spreken over de Conventie van Genève”?

Bemerk daarbij overigens dat De Wever de erkenning van vluchtelingen op zich tijdens dat college niet in twijfel trekt, net zo min als deze nieuwe resolutie dat doet. Wel had hij ernstige bedenkingen bij de gevolgen van de erkenning van de vluchtelingenstatus, zoals die is vastgelegd in de huidige Conventie. De geopolitieke context waarin dat internationale verdrag werd opgesteld, is vandaag immers niet meer dezelfde.